Vernieuwing van de literatuurdidactiek (IA)

Aanspreekpersoon: dr. Kees Nuijten

Het onderzoek naar de vernieuwing van de literatuurdidactiek valt binnen de kaders van het Lectoraat geletterdheid zoals deze beschreven zijn in de continueringsaanvraag (periode 2015 - 2019). Concreet valt hier te denken aan de volgende passage: De missie van het Kenniscentrum Educatie is het evidence based en data driven maken van het onderwijs in de FE. Daarbij gaat het erom dat het curriculum gebaseerd is op de best voorhanden kennis over ´wat werkt in het onderwijs´ en dat het professioneel handelen van de opleiders gestuurd wordt door bij de studenten verzamelde data en met name door een cyclus van observeren van het professioneel handelen van de aanstaande leraren, evalueren van wat geobserveerd is en het verbeteren van het professioneel handelen van de aanstaande leraren door middel van data-feedback.

Voor veel docentenopleiders uit de vakgroep Nederlands van Instituut Archimedes en voor het overgrote deel van onze masterstudenten is literatuuronderwijs het leukste en meest inspirerende onderdeel van het vak. Ondanks dit enthousiasme en de grote gedrevenheid van onze studenten blijft voor veel leerlingen uit de bovenbouw van het voortgezet onderwijs Nederlands een van de saaiste vakken op school en zijn zij al helemaal niet gemotiveerd voor het lezen van literatuur. Dit laatste is natuurlijk teleurstellend en lijkt ook wel een beetje bevreemdend nu steeds vaker wordt gewezen op het belang van het lezen van literaire teksten voor het ontwikkelen van ’vakoverstijgende competenties zowel op individueel als op maatschappelijk vlak’. Bedoeld zijn dan zaken als morele vorming, het omgaan met emoties, de oefening in empathie en het aanscherpen van de kritische vermogens (Van Iseghem, 2015; Otten, Verheul & Hunt, 2010). Dit alles naast het vrij algemeen geaccepteerde inzicht dat het literaire lezen bijdraagt aan de esthetisch vorming , cultuuroverdracht en literaire competentie van de leerlingen. Tegen deze achtergrond is het ook van belang om jongeren kennis te laten maken met de canonieke werken uit de Nederlandse literatuur (Nuijten, 2017).

Om deze canonieke werken voor de leerlingen toegankelijker te maken, wordt gezocht naar mogelijkheden om deze werken te koppelen aan meer eigentijdse literatuur (Beach & Appelman, 2011). Binnen het lectoraat wordt momenteel een onderzoek uitgevoerd naar de effecten van de koppeling van canonieke werken aan meer eigentijdse literatuur op de motivatie, leesattitude en leesactiviteit van leerlingen in de bovenbouw van het voortgezet onderwijs. Tevens wordt in deze studie nagegaan welke didactische vaardigheden deze werkwijze van de (aankomend) eerstegraads docenten vraagt en in welke mate zij in staat blijken deze vaardigheden te verwerven (Nuijten, Terpstra & Houtveen, in voorbereiding)

Onderzoeksvragen:

 Leidende onderzoeksvragen hierbij zijn: 
Wat zijn mogelijke onderwijsdoelen bij literatuur?
Welke literatuurdidactische uitgangspunten kennen we en welke zijn passend bij onze onderwijsdoelen?
Welk didactisch handelen leidt tot een (aanzienlijke) verbetering op het punt van motivatie en leesattitude bij de leerlingen en is acceptabel en hanteerbaar voor onze studenten en collega-opleiders? 

Aanpak/Methode:

1. Theoretische verkenning gericht op een inventarisatie van (veel voorkomende) doelen van literatuuronderwijs, uitmondend  in een historisch overzicht en een actuele stand van zaken m.b.t. de geëxpliciteerde en de meer impliciete doelen van literatuuronderwijs in het voortgezet onderwijs in Nederland. 
2. Replicatie-onderzoek naar bestaande voorstellen om canonieke teksten in de klas te behandelen (Beach & Apppleman, 2011). Masterstudenten voeren dit uit in hun bovenbouwklassen havo/vwo en bevragen de leerlingen middels vragenlijsten.  De studenten worden op hun beurt bevraagd door de opleider/onderzoeker middels vragenlijsten. Dit is een eerste opstap naar gevalideerde en empirisch verankerde verbetervoorstellen op het terrein van de literatuurdidactiek.   

Resultaten:

Uit de reacties van leerlingen en masterstudenten op de vragenlijsten komt naar voren dat er een positieve correlatie is tussen het inzetten van vernieuwende didactiek door de masterstudenten en een toename van kennis en motivatie bij hun leerlingen. 
Voorstellen verbetering literatuuronderwijs masteropleiding Nederlands IA en voortgezet onderwijs  

Literatuur:

Beach, R., & Appleman, D., e. a. (2011). Teaching Literature to Adolescents, 2ed., NY and London: Routledge.
Nuijten, K. (2017). Doel van ons literatuuronderwijs. Doelstellingen van het literatuuronderwijs in het voortgezet onderwijs en aan de lerarenopleidingen. Een theoretische reflectie. Utrecht: Kenniscentrum Leren en Innoveren.
Nuijten, K., Terpstra, O., & Houtveen, A.A.M. (in voorbereiding). De canon in de klas. De didactische waarde van de koppeling van canonieke werken aan meer eigentijdse literatuur.
Iseghem, J. van. (2015). Literatuur: nut en noodzaak. In Schram, D. (red.), Hoe maakbaar is de lezer?. Stichting Lezen Reeks 25. Delft: Eburon.  
Otten, W.J., Verheul, K., & Hunt, C. (2010). Niets heb ik van mijzelf. Amsterdam: Van Oorschot.

 

Geletterdheid

Geletterdheid

Over het lectoraat