Strafrechtmediation: Geborgd in kwaliteit

De Mediator in Strafzaken opereert in vaak complexe dader-slachtofferverhouding. Strafrechtmediation vereist andere vaardigheden dan reguliere mediations zoals bij echtscheidingen of arbeidsconflicten. Met name kennis van het strafrecht en het kunnen inspelen op psychologische problematiek is belangrijk. De bestaande kwaliteitsprotocollen van de MfN (Mediatorsfederatie Nederland, de beroepsvereniging van mediators) voorzien hier echter niet in. Bovendien worden de bestaande MfN gedragsregels, op onderdelen, als beperkend ervaren. De verplichte geheimhouding kan goede communicatie met de justitiële doorverwijzer en de beste oplossing hinderen. Ook de voorgeschreven neutraliteit past niet een op een in strafrechtmediation. Er is sprake van een strafbaar feit en secundaire victimisatie moet worden voorkomen. Secundaire victimisatie betekent dat het slachtoffer voor een tweede keer slachtoffer wordt van hetzelfde delict doordat de dader zich negatief opstelt ten opzichte van het slachtoffer tijdens de mediation. Neutraliteit heeft hierdoor bij strafrechtmediation een heel andere betekenis. Mediators zijn echter bang om zich niet strikt aan de gedragsregels te houden uit angst voor een formele klacht. Als gevolg hiervan heeft de beroepspraktijk behoefte aan specifieke kwaliteitseisen voor de strafrechtmediator.

De hoofdvraag van dit onderzoek luidt als gevolg hiervan: ‘Aan welke kwaliteitseisen moet een strafrechtmediator voldoen? En hoe kunnen deze kwaliteitseisen worden geborgd?

Het onderzoek bestaat uit interviews met betrokkenen (dat wil zeggen de mediators zelf, rechters, officieren van justitie, mediationfunctionarissen bij de rechtbank, partners uit de beroepsverenigingen ), interviews met slachtoffers en verdachten en onderzoek naar de vatststellingsovereenkomsten (eindproduct van een mediationtraject).

Najaar 2019 wordt het onderzoek afgerond met publicaties en een congres.