Physical Fitness. Ambulation en Physical Activity in Ambulatory Children with Spina Bifida (promotieonderzoek)

Dr. Janke de Groot is in 2010 op dit onderzoek gepromoveerd. Download het proefschrift.

Maatschappelijke relevantie en relevantie voor het onderwijs

De relatie tussen fysieke fitheid en fysieke activiteit enerzijds en gezondheid anderzijds is algemeen bekend, niet alleen bij volwassenen maar ook bij kinderen. En waar steeds meer gezonde kinderen niet voldoen aan de norm voor gezond bewegen, is het risico op een hypoactieve leefstijl bij kinderen met een chronische aandoening of handicap nog groter. Naast gevolgen voor de algemene gezondheid, kan deze verminderde activiteit leiden tot een verminderde fitheid en een rol spelen in vermoeidheid en verminderd functioneren in het dagelijks leven bij chronisch zieke kinderen. Kleine pilotstudies signaleren inderdaad een trend richting minder bewegen en meer obesitas bij kinderen met Spina Bifida (SB) in vergelijking tot hun gezonde leeftijdsgenoten. Doel van deze studie was:

  • het ontwikkelen van valide en betrouwbare meetprotocollen
  • het evalueren van de effecten van loopbandtraining op loopfunctie en uithoudingsvermogen

Studenten van de opleidingen Fysiotherapie, Oefentherapie Cesar en de Topclass hebben in het kader van hun afstuderen als onderzoeksassistenten meegeholpen bij het onderzoek.

Theoretisch kader

In eerste instantie wordt vanuit het model van Bouchard het belang van fysieke activiteit voor gezondheidsgerelateerde fitheid bij kinderen uitgelegd. Terwijl gezonde Nederlandse kinderen steeds minder actief en minder fit zijn, hebben kinderen met een aandoening of motorische beperking zoals Spina Bifida (SB) een verhoogd risico op een inactieve leefstijl en de daaraan gerelateerde gezondheidsrisico’s. Eerdere studies hebben inderdaad al aangetoond dat er verbanden zijn tussen inactiviteit en verminderde fitheid bij jongvolwassenen met SB. Het is natuurlijk de vraag of deze zaken niet al eerder spelen en in de kinderjaren beginnen.

Een tweede belangrijke factor die in dit hoofdstuk aan bod komt is het verhoogde energieverbruik bij kinderen met SB tijdens het lopen; met de kennis dat de tienerjaren vaak bepalend zijn of een persoon met SB blijft lopen, kan het verlagen van het energieverbruik tijdens het lopen een belangrijk doel zijn voor kinderen met SB. Ten slotte worden deze twee factoren – een verlaagde fitheid enerzijds en een verhoogd energieverbruik anderzijds – gecombineerd in de hypothese van een “verlaagde fysiologische reserve”, waardoor activiteiten te vermoeiend worden om te blijven doen; de USAGE-studie bouwt verder op deze hypothese dat het verhogen van fitheid en/of het verlagen van de energiekosten tijdens het lopen, het lopen weer gemakkelijk maakt voor kinderen met SB.

Vraagstelling

  1. wat zijn de beperkingen wat betreft spierkracht, de 6 minuten wandeltest (6MWT), uithoudingsvermogen (VO2piek) en fysieke activiteit bij lopende kinderen met SB? En wat zijn de relaties tussen deze factoren bij lopende kinderen met SB?
  2. Wat is de reproduceerbaarheid van de maten voor energieverbruik tijdens het lopen bij kinderen met SB?
  3. Wat zijn beperkende factoren in VO2piek bij lopende kinderen met SB?
  4. Is het aangepaste loopbandprotocol van De Groot et al. een valide methode om VO2piek te meten bij lopende kinderen met SB?
  5. Wat is de reproduceerbaarheid van inspanningstesten bij lopende kinderen met SB?
  6. Wat zijn de effecten van loopbandtraining bij lopende kinderen met SB?

Doelstelling

  • ontwikkeling meetinstrumenten voor lopende kinderen met SB
  • ontwikkeling interventie om conditie en loopfunctie te verbeteren bij lopende kinderen met SB

Implementatie

  • door middel van scholingsdagen, in samenwerking met stichting Fitkids, het Wilhelmina Kinderziekenhuis en fysiotherapeuten van de revalidatiecentra in Nederland;
  • veel ontwikkelde meetinstrumenten en de training zijn opgenomen in de richtlijn van de Orde van Medisch Specialisten voor lopende kinderen met Spina Bifida.

Samenwerking

Promotoren

  • Prof. dr. P. Helders, U
  • Prof. dr. L. Vanhees, HU, lector Leefstijl en Gezondheid, HU; hoogleraar Katholieke Universiteit Leuven
  • Copromotor Dr. T. Takken, UMCU
  • Copromotor Dr. R. Gooskens, UMCU

Leefstijl en Gezondheid

Leefstijl en Gezondheid

Over het lectoraat

Deze website maakt gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.

Sluiten