Organisatievernieuwing door medewerkers in de verpleeghuiszorg

De druk op de verpleeghuiszorg is in de afgelopen decennia sterk toegenomen door een stijgende zorgvraag als gevolg van de vergrijzing. Deze ontwikkeling heeft een stempel gedrukt op de keuzes die zorgorganisaties maakten voor de organisatievorm die daar het beste bij aansloot. De gevolgen van deze keuzes zijn terug te zien in de wijze waarop de verpleeghuiszorg tot op vandaag de dag is vormgegeven. Veel zorgorganisaties probeerden de stijgende kosten te drukken door de productiviteit te verhogen en de stijgende kosten te beperken. Dit laatste deden zij door werkprocessen te standaardiseren en taken op te delen in kleine specialistische deeltaken. Het gevolg: in toenemende mate wordt van medewerkers verlangd dat zij efficiënte zorg verlenen. De verpleeghuiszorg is tot herhalingswerk gemaakt waarin medewerkers routinematige activiteiten verrichten. Medewerkers zijn de passie voor hun werk en het contact met hun cliënten kwijtgeraakt. Zij hebben vaak al zo lang in het bestaande systeem meegedraaid, dat velen van hen hun hart voor de cliënt voor een deel al hebben verloren, en zich hebben neergelegd bij het werken volgens protocollen en regels.

Transitie nodig om cliënt en medewerker weer centraal te stellen

In de publieke opinie klinkt de roep steeds luider om zorg die teruggaat naar de kern: de cliënt moet weer centraal staan en de autonome rol van de medewerker moet uitgebouwd worden om goede zorg te kunnen bieden. De medewerker is onmisbaar om dat te realiseren en organisatievernieuwing tot een blijvend succes te maken. Welke rol kunnen medewerkers zelf hebben in het vernieuwen van de zorg en het werk? Kunnen zij de zorg verbeteren van onderop en wat zij hebben zij hiervoor nodig? Om deze vragen te kunnen beantwoorden, is het nodig om dieper te kijken naar organisatievernieuwing van onderop in de verpleeghuiszorg.

Promotieonderzoek naar organisatievernieuwing van onderop

Het vraagstuk van organisatievernieuwing in de verpleeghuiszorg door de medewerkers zelf staat centraal in dit proefschrift van HU-onderzoeker Anneke Offereins. De empirische basis is het Experiment Sociale Innovatie dat in de periode tussen januari 2011 en juli 2012 bij BrabantZorg is uitgevoerd door de Hogeschool Utrecht, in opdracht van ActiZ. Doel van het experiment was de ontwikkeling en implementatie van een nieuw zorgorganisatiemodel om de kwaliteit van zorg en werk te verbeteren en de efficiëntie te vergroten. Een experiment om niet het bestuur en management, maar de medewerkers de voortrekkersrol te geven.

Wat zijn succes- en faalfactoren in vette en magere jaren?

Het promotieonderzoek bestaat uit een verdieping van de wetenschappelijke theoretische inzichten op het terrein van organisatieontwerp- en verandering. Op basis van deze literatuurstudie wordt het experiment nauwkeurig beschreven om tot een conclusie te komen wat de succes- en faalfactoren zijn van organisatievernieuwing, als die van onderop door uitvoerende medewerkers in de verpleeghuiszorg wordt uitgevoerd.

Door recente overheidsmaatregelen dreigen zorgorganisaties nu in een spagaat te komen: hoe houden we vast aan de transitie die is ingezet - waarbij werkelijk vanuit de cliënt gedacht wordt en de relatie tussen cliënt en zorgverlener centraal staat - maar werken we tegelijkertijd aan kostenbeheersing en zorgkwaliteit, volgens de normen die door de overheid zijn opgelegd? In het onderzoek komt de vraag aan bod in hoeverre de opbrengsten uit het onderzoek tussen 2011 en 2012 nog steeds worden toegepast, en of die ook opgaan voor andere organisaties. Dit wordt onderzocht op basis van aanvullende interviews met diverse zorgorganisaties.

Meer informatie

Wilt u meer weten over dit promotieonderzoek? Stuur dan een mailtje naar anneke.offereins@hu.nl

Organiseren van Verandering in het publieke domein

Organisatieconfiguraties en Arbeidsrelaties

Over het lectoraat

Deze website maakt gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.

Sluiten