Doelgericht werken aan opbrengsten

Inleiding

Binnen het lectoraat Geletterdheid is het concept doelgericht werken aan opbrengsten ontwikkeld. Dit concept is gericht op systematische verbetering van de leerling-resultaten. Het gebruik van (onderzoeks)gegevens om leerling-prestaties te optimaliseren wordt internationaal erkend als een krachtige aanpak (zie bijv. Faber & Visscher, 2014). In een recente review van de effecten van opbrengstgericht werken in de Nederlandse onderwijspraktijk wordt vermeld dat de hoge verwachtingen van data-driven-decision-making veelal niet waargemaakt worden (Blok, Ledoux & Roeleveld, 2015). Dit roept de vraag op welke oorzaken hiervoor zijn aan te wijzen. Bryk (2015) constateert dat de zwakte van de strategie om de leerling-prestaties te verbeteren door doelen te formuleren op leerling niveau, ligt in het ontbreken van een expliciete theorie over hoe het onderwijs daadwerkelijk verbeterd zou kunnen worden. In deze richting denkt ook het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen wanneer zij aangeven dat het verbeteren van de leerprestaties van de leerlingen vraagt om een samenhang tussen de aanpak op school-, groeps- en leerling-niveau (Ministerie van O,C&W, 2011). 

Een halve eeuw onderzoek naar leerkracht- en schooleffectiviteit in zijn algemeenheid en effectieve leesinstructie in het bijzonder heeft voldoende kennis opgeleverd over welk leerkrachtgedrag en welke aanpak op schoolniveau bijdragen aan optimalisering van leerling-prestaties, om op te kunnen handelen. Op leerkrachtniveau betreft dit kennis over de kwaliteit van de instructie (algemeen en domein specifiek), het effectief gebruik van de tijd, de kwaliteit van het pedagogisch handelen van de leerkracht en het toepassen van de evaluatieve cyclus om de vorderingen van de leerlingen te monitoren en interventies te plegen. Op schoolniveau betreft dit kennis over de kwaliteit van het aanbod en de doorgaande lijn daarin, de noodzaak het aanbod op schoolniveau vast te leggen en in te plannen, het inplannen van voldoende tijd op het rooster en afspraken over het differentiatiemodel (zie: Houtveen & Van der Velde, 2011). Deze kennis zouden scholen kunnen benutten om hun onderwijs te verbeteren en langs die weg tot verbetering van de resultaten van hun leerlingen te komen. Om dit mogelijk te maken is het noodzakelijk dat er instrumenten (observatie-instrumenten en vragenlijsten) voorhanden zijn waarmee de scholen de actuele situatie ten aanzien van de kwaliteit van het onderwijs in kaart zouden kunnen brengen. Inmiddels zijn er diverse instrumenten beschikbaar die voldoen aan basale psychometrische vereisten. 

Cycli Doelgericht werken aan opbrengsten

Tegen deze achtergrond is binnen het lectoraat geletterdheid het model Doelgericht Werken Aan Opbrengsten (DWAO) ontwikkeld. In dit model wordt gewerkt aan optimalisering van dat leerkrachtgedrag en van die condities op schoolniveau waarvan uit de onderzoeksliteratuur bekend is, dat deze leiden tot goede prestaties bij de leerlingen. Er vindt in dit model uitbreiding plaats van het oorspronkelijke model voor opbrengstgericht werken door alle niveaus (leerlingen, leerkrachten en school) in het model te betrekken. Een tweede uitbreiding is dat het stellen van doelen op alle drie de niveaus en het vastleggen van de instrumenten waaraan de realisatie van de doelen wordt afgemeten vooraf plaatsvindt. Hierdoor is van het begin af aan de focus of doelgerichtheid van alle activiteiten die gaan plaatsvinden vastgelegd. Deze stap is derhalve cruciaal.

In het model worden de volgende stappen onderscheiden:
1. Vaststellen van de doelen en kiezen van de instrumenten 
a. Op leerling niveau keuze van toetsen en observatie-instrumenten en leerling vragenlijsten en vastleggen doelen daarop.
b. Keuze observatie-instrumenten en vragenlijsten voor het meten van het leerkrachtgedrag en afspraken over mate van implementatie daarvan.
c. Keuze van het aanbod, vaststellen van tijd op het rooster en het differentiatiemodel;
2. Bepalen van de mate van realisatie van de doelen door afname van de toetsen en overige instrumenten op alle niveaus;
3. Het vergelijken van de gewenste doelen met de feitelijke situatie op alle niveaus;
4. Het formuleren van interventies op alle niveaus;
5. Bepalen van de volgorde van de interventies in een interventieplan;
6. Start nieuwe cyclus vanaf punt 2.

Nadat stap 1 is uitgevoerd, vinden er twee cycli plaats. De eerste cyclus is de cyclus op groepsniveau. Hierin worden de stappen 2, 3 en 4 uitgevoerd. Met elk van de leerkrachten afzonderlijk voert de IB-er voortgangsbesprekingen. Tijdens de voortgangsbespreking op groepsniveau staat het handelen van de leerkracht in de groep centraal. Uitgangspunt en basis voor deze bespreking zijn de gegevens die door de leerkracht worden aangeleverd. Samen met de leerkracht wordt nagegaan of de groep de doelen heeft bereikt, hoe de groep het gemiddeld doet, hoe het aanbod door de leerkracht was en of deze de afspraken die op schoolniveau waren gemaakt heeft gerealiseerd. Per groep worden vervolgens interventies vastgelegd. De uitkomsten van de voortgangsbespreking op groepsniveau worden vervolgens door de IB-er gebundeld in tabellen waarin een overzicht is opgenomen van zowel de leerling-resultaten als de kwaliteit van aanbod en instructie in elk van de groepen. Deze overzichten vormen de input voor de tweede cyclus op schoolniveau. In de cyclus op schoolniveau gaat het om het opbouwen van inzicht in de kwaliteit van het onderwijs en de resultaten die behaald worden over alle groepen heen (stappen 2, 3 en 4). In een teambespreking worden de opbrengsten van de cyclus doelgericht werken aan opbrengsten overzichtelijk gepresenteerd. Het doel is dat er een gezamenlijk teambesluit genomen wordt over welke interventies de komende periode centraal komen te staan. 

Doelgericht werken aan opbrengsten bij aanvankelijk en voortgezet lezen: alle materialen gebundeld!

Om doelgericht werken aan opbrengsten door middel van het uitvoeren van de hierboven beschreven cycli mogelijk te maken, moet een school uiteraard kunnen beschikken over de vragenlijsten en observatie-instrumenten die daarvoor nodig zijn. In het kader van het leesinterventieproject LIST (Houtveen, Brokamp & Smits, 2012), zijn de benodigde instrumenten ontwikkeld. In de uitgave ‘Doelgericht werken aan opbrengsten bij aanvankelijk en voortgezet lezen’(Houtveen & Brokamp, 2017) is alle informatie gebundeld die een school nodig heeft om het onderwijs op deze aspecten van het lezen systematisch te kunnen vernieuwen en de vernieuwingen ook vast te houden. In deze uitgave komen de cycli doelgericht werken aan opbrengsten bij aanvankelijk en vloeiend lezen uitgebreid aan bod. Tevens zijn alle instrumenten opgenomen die de scholen nodig hebben om met deze systematiek aan het werk te kunnen gaan. Ook wordt uitgelegd hoe ze hun scores op deze instrumenten zelf kunnen berekenen. Voorafgaand aan dit praktische deel wordt de achtergrondkennis over aanvankelijk en vloeiend lezen beschreven, waar de instrumenten op zijn gebaseerd. Ook is het LIST-programma voor aanvankelijk en vloeiend lezen (opnieuw) opgenomen. Door deze opzet beschikt een school over het totale pakket om onderbouwd met deze systematiek aan de slag te kunnen.

Instappen in het proces van doelgericht werken aan opbrengsten

Vrijwel alle scholen werken al gedurende vele jaren opbrengst gericht. De aangereikte werkwijze doelgericht werken aan opbrengsten zal daarom voor de meest scholen niet compleet nieuw zijn. Om voor de scholen inzichtelijk te maken welke aspecten zij al wel uitvoeren op scholen en welke aspecten een aanvulling op de huidige praktijk vormen, is een zogenoemd intake formulier ontwikkeld (Kunst, Koudijs & Houtveen, 2018). Door het invullen van het formulier wordt het de scholen gemakkelijk gemaakt in te stappen in het proces van doelgericht werken aan opbrengsten, met behoud van alles wat de school op dit gebied zelf al had ontwikkeld. 

Downloads

Bijlagen bij rapport DWAO

Stilleestoets

Literatuur

Blok, H., Ledoux, G., & Roeleveld, J. (2015). Opbrengstgericht werken in het primair onderwijs: een effectieve weg naar onderwijsverbetering? Pedagogische Studiën, 92(3), 167-178.
Bryk, A. S. (2015). Accelerating how we learn to improve. Educational Researcher, 44 (9), 467-477.
Faber, J. M., Faber, M., & Visscher, A.J. (2014). Digitale leerling-volgsystemen: een review van de effecten op leerprestaties. Enschede: Universiteit Twente.
Houtveen, A. A. M., & Brokamp, S. K. (2017). Doelgericht werken aan opbrengsten bij aanvankelijk en vloeiend lezen. Utrecht: Kenniscentrum Leren en Innoveren.
Houtveen, A. A. M., & Van der Velde, V. (2011). Opbrengst van taalbeleid. Eindrapportage Pilots Taalbeleid Onderwijsachterstanden. Utrecht: Kenniscentrum Educatie.
Houtveen, A. A. M., Brokamp, S. K., & Smits, A. E. H. (2012). Lezen, lezen, lezen! achtergrond en evaluatie van het LeesInterventie-project voor scholen met een totaalaanpak (LIST) Utrecht: Hogeschool Utrecht: Kenniscentrum Educatie.
Kunst, J., & Koudijs, M., & Houtveen, A.A.M (2018). Handreikingen voor scholen die willen gaan werken met het model ‘Doelgericht werken aan opbrengsten’. Utrecht: Kenniscentrum Leren en Innoveren.
Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (2011). Actieplan ‘Basis voor presteren’. Den Haag: Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.

 

Geletterdheid

Geletterdheid

Over het lectoraat