Beoordelingsvraagstukken in het beroepsonderwijs

Looptijd

2013 – lopend (vervolg op promotieonderzoek bij Universiteit Utrecht in 2008 en onderzoek naar leerprocessen in het beroepsonderwijs bij Universiteit Utrecht / Technische Universiteit Eindhoven 2008-2013)

Focus

Het onderzoek van Liesbeth Baartman is gericht op beoordelingsvraagstukken in het beroepsonderwijs. In dit onderzoeksthema combineert zij twee expertisegebieden en onderzoeksterreinen, namelijk dat van toetsen en beoordelen en dat van leerprocessen in het beroepsonderwijs. Het gaat bij beoordelen in het beroepsonderwijs juist om de moeilijk meetbare competenties / kerntaken van professionals in de beroepspraktijk, en voor beoordelingsvraagstukken impliceert dit een focus op programmatisch toetsen. Daarnaast stuurt toetsing het leren van studenten, de formatieve functie van beoordeling. In het beroepsonderwijs gaat het om leerprocessen zoals conceptualiseren en concretiseren (zie promotieonderzoek Wenja Heusdens) en boundary crossing tussen leren op school en in de beroepspraktijk (zie filmpje over onderzoek naar boundary crossing van Liesbeth Baartman).

Programmatisch toetsen en beoordelen

Programmatisch toetsen en beoordelen in het beroepsonderwijs betekent dat toetsing en beoordeling wordt bezien vanuit de samenhang tussen verschillende beoordelingsmomenten in een opleiding. Het gaat dus niet (alleen) om beoordelingsvraagstukken binnen een module of cursus, maar om overstijgende vraagstukken op opleidingsniveau. Voor beoordelingsvraagstukken in het beroepsonderwijs is dit essentieel, omdat kerntaken / competenties van professionals moeilijk te beoordelen zijn. Voor een valide en betrouwbare beslissing over een (startend) professional is daarom een samenhangend geheel van verschillende toets- en beoordelingsvormen noodzakelijk.

Het startpunt voor dit onderzoek wordt gevormd door het promotieonderzoek van Liesbeth Baartman in 2008 over “Assessing the assessment. Development and use of quality criteria for Competence Assessment Programmes”. In 2013 hebben Liesbeth Baartman, dr. Raymond Kloppenburg (FMR, lectoraat Innovatieve Maatschappelijke Dienstverlening) en dr. Frans Prins (Universiteit Utrecht) op basis dit promotieonderzoek een zelfevaluatie-methodiek ontwikkeld: het KwaliteitsInstrument Toetsprogramma (KIT). Opleidingsteams, examencommissies en toetscommissies in het beroepsonderwijs kunnen deze zelfevaluatie-methodiek gebruiken om de kwaliteit van hun toetsprogramma te evalueren en de sterke en zwakke punten te evalueren. Het KIT bestaat uit 4 kwaliteitscategorieën: validiteit, betrouwbaarheid, functies en condities. Deze kwaliteitscategorieën zijn uitgewerkt in concrete vragen die een opleidingsteam kan gebruiken in de zelfevaluatie.

Meer weten over programmatisch toetsen en beoordelen of het KIT? Bekijk dit filmpje met een korte uitleg over programmatisch toetsen, of lees dit boekhoofdstuk van Liesbeth Baartman over toetsprogramma’s in het hoger onderwijs. Het KIT wordt ook gebruikt in de SKE-trajecten van het Expertisecentrum docent hbo. Wil je meer informatie over het KIT? Bekijk dan dit filmpje met een uitleg over de zelfevaluatie-methodiek en de kwaliteitscriteria in het KIT. Wil je meer weten over de vraag hoe beoordelaars in de beroepspraktijk tot een beslissing komen over de beroepsbekwaamheid van studenten, bekijk dan het promotieonderzoek van Marlies de Vos over dit onderwerp.

De formatieve functie van toetsen en beoordelen in het beroepsonderwijs

Toetsen en beoordelen stuurt het leerproces van studenten; dit is de formatieve functie van toetsen en beoordelen. Formatief toetsen is veelvuldig onderzocht, maar twee tot nu toe onderbelichte punten staan centraal in het onderzoek van Liesbeth Baartman: de rol van de docent en de invloed van programmatisch toetsen op het leren van studenten.

Ten eerste wordt de rol van de docent bij formatief toetsen duidelijk onderkend, maar bestaat er weinig onderzoek naar hoe docenten concreet een formatieve toetspraktijk kunnen realiseren in interactie met studenten. In de periode september 2015 – februari 2017 heeft Liesbeth Baartman daarom samen met Judith Gulikers (Wageningen Universiteit) een NRO-overzichtsstudie uitgevoerd getiteld “doelgericht professionaliseren: formatieve toetscompetenties met leereffect”. Deze literatuurstudie wordt gefinancierd door NRO (projectnummer 405-15-722). In deze overzichtsstudie wordt op basis van literatuuronderzoek een antwoord gezocht op de vraag wat effectieve docenten doen als zij een formatieve toetspraktijk realiseren met effect op het leren van hun studenten. 

Wil je meer weten over de NRO-overzichtsstudie naar formatieve toetspraktijken van docenten? In maart 2017 wordt het eindrapport van dit project gepubliceerd via de website van NRO. Op 17 februari heeft een kennisdeeldag plaatsgevonden over deze NRO-overzichtsstudie. Van deze kennisdeeldag worden de presentatie en materialen (o.a. spel over formatief toetsen) beschikbaar gesteld. 

Ten tweede worden leerprocessen van studenten niet alleen gestuurd door toetsen binnen een module of cursus, maar ook door de volgorde, combinatie en samenhang tussen de verschillende toetsen door de opleiding heen. Wil je meer weten over hoe programmatisch toetsen het leren van studenten stuurt? Bekijk dan het promotieonderzoek van Nienke Zijlstra over dit onderwerp.

Beroepsonderwijs

Over het lectoraat

@LectBeroepsondw

Deze website maakt gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.

Sluiten