Investeren in ondernemingskracht

Anton Franken

Op de dag van verspreiding van deze nieuwsbrief ben ik met collega’s van de Universiteit Utrecht en andere partners op ons Utrecht Science Park in dialoog over valorisatie van onderzoek. Een moeilijke term met eigenlijk een eenvoudige betekenis: kennis bruikbaar maken voor maatschappij en economie. Als kennisinstellingen hebben universiteiten en hogescholen de maatschappelijke verantwoordelijkheid om de kennis en technologie die we hebben en ontwikkelen, aan te wenden en te vertalen naar de behoeften van specifieke doelgroepen. We moeten daarom, conform het advies van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid in haar rapport Naar een lerende economie, “antennes ontwikkelen voor wat de samenleving nodig heeft.” Kenniscirculatie is een term die pregnant uit het rapport naar voren komt. Het gaat ook om kennis en technologie die al beschikbaar is. Die moeten we op de juiste plaatsen in de maatschappij zien ‘te brengen’. Het opbouwen van netwerken en stimuleren van ondernemingskracht spelen hierin een belangrijke rol.

Bij de HU investeren we om die reden de komende jaren in het stimuleren van ondernemingskracht, zowel bij onze studenten als onze medewerkers. Met als uiteindelijk resultaat: valorisatie in allerlei vormen. Zowel op het gebied van onderwijs als op het gebied van onderzoek is versterking van ondernemingskracht nodig. Zodat we ons aanbod aan opleidingen voor professionals continu kunnen toespitsen op de vraag. En ook ons onderzoek, dat immers gericht is op innovaties in de beroepspraktijk en in het eigen onderwijs. In het onderzoek zijn we logischerwijs veel gericht op publicaties en diverse vormen van presentaties van de onderzoeksresultaten. Dat is echter geen valorisatie in de brede zin van het woord. Er is vaak nog heel wat nodig om de resultaten ‘gebruiksklaar te maken’ en daar hebben we lang niet altijd tijd of geld voor. De producten van ons onderzoek zijn vaak halfproducten die nog wel enige bewerking nodig hebben. Het vraagt creativiteit en ondernemingskracht om resultaten van onderzoek sneller te laten leiden tot implementatie en daarmee tot echte valorisatie.

Ondernemingskracht betekent dat we de vraag van onze afnemers in de vele beroepenvelden beter gaan monitoren. Op basis daarvan willen we ons onderwijs en onderzoek blijvend ontwikkelen. In dialoog en dus niet met langjarig onderzoek achter gesloten deuren zonder betrokkenheid van potentiele gebruikers. We moeten ook daar initiatiefrijker in worden en hebben de Faculteit Economie en Management (FEM) gevraagd trekker te zijn van de HU-brede focus op ondernemingskracht.

Betekent dit dat elke docent en elke onderzoeker een ondernemer moet worden op zijn of haar terrein? En gaan we veel nieuw geld investeren? Nee, daarvan is geen sprake. We vragen een ondernemende houding. Binnen de faculteiten, opleidingen en kenniscentra kan dat op verschillende manieren ingevuld worden. Niet iedereen is of kan een ‘business development manager’ zijn. Tegelijkertijd vind ik het wel waardevol dat de competenties die horen bij ondernemingskracht en valorisatie binnen onze hogeschool breder worden aangeleerd en gewaardeerd. We hebben de expertise - bijvoorbeeld bij de Faculteit Economie & Management - zeker in huis, maar moeten die beter benutten en gerichter inzetten. Dat is echt een vereiste om de doelen van HU in 2020 op het gebied van Leven Lang Leren en Onderzoek te kunnen bereiken. Een mooie uitdaging voor het nieuwe studiejaar.

Ik wens iedereen een zonnige en ontspannen zomer toe!

Anton Franken, lid CvB
juni 2014

Cv Anton Franken