HBO onderzoek bij HU in fase van volwassenheid

Column Huib de Jong, lid CvB

HU heeft een sterke positie als onderzoekshogeschool. Naast onderwijs is onderzoek een volwaardig onderdeel van onze kerntaken geworden. Na ruim tien jaar zijn we dan ook de fase van volwassenheid ingegaan. Daar ben ik trots op. Tegelijkertijd ben ik ongeduldig, omdat de verdere uitwerking van de onderzoeksagenda voor de HU als onderwijsinstelling essentieel is.

Wat hebben we bereikt?
Met bijna 50 lectoren zijn de facultaire Kenniscentra stevige eenheden geworden, met een duidelijk profiel. Ieder van de lectoren heeft daarbij een groep van 5 tot 10 docent-onderzoekers rond zich, zodat ook de doorwerking in het onderwijs verzekerd moet worden. Over de grenzen van de faculteiten heen zijn vier interfacultaire onderzoeksprogramma's tot stand gebracht, de zogenaamde Speerpunten. Creatieve Industrie, Zorg & Technologie, Duurzaamheid en Werken en Leren in de Wijk zijn onze ankerplaatsen in de regio: aansluitend bij de thema's die ook door het bedrijfsleven en het openbaar bestuur zijn omarmd. Als voortrekkers hebben we een landelijk erkend kwaliteitszorgsysteem, dat de praktijkgerichtheid van ons onderzoek benadrukt. We hebben bovendien als enige hogeschool in Nederland een sterk Europees consortium gevormd, waardoor we ook in Brussel zichtbaar zijn geworden.

Wat gaan we nog bereiken?
Trots op wat is bereikt mengt zich bij mij met ongeduld. Trots omdat we binnen een heldere onderzoeksorganisatie zoveel kwalitatief sterke lectoren en docent onderzoekers (lectoraten) hebben die zich uit de naad werken om vorm te geven aan een eigen identiteit van ons praktijkgerichte onderzoek. Ongeduld omdat de doorwerking daarvan op het onderwijs nog te langzaam gaat. Lectoraten zijn de laatste die je dit kunt kwalijk nemen. De grootste uitdaging zit bij de opname van de onderzoeksresultaten door de rest van de organisatie, in het bijzonder als input voor het gerealiseerde eindniveau van de opleidingen. Ik noem hierbij een paar punten:

Te vaak hoor ik nog verhalen waarin onderzoek veel groter wordt gemaakt dan het is. Als ware het een activiteit van een andere planeet. Welnu, onderzoek is niets anders dan systematisch nadenken over zaken die zich voor onze ogen afspelen. Voor dat nadenken zijn een paar logische regels afgesproken, waaraan een onderzoeker zich heeft te houden om tot valide en betrouwbare uitspraken te komen. Die uitspraken vormen bij ons de basis voor het oplossen van alledaagse problemen in het beroepenveld. Ons onderzoek, zo stellen we, is daarom ook ontwerpend van aard. In deze zin heeft het geen ander karakter dan ons beroepsgerichte onderwijs.

Onderzoek moet nog sterker dan nu al het geval is, onderdeel uitmaken van onze curricula en daarmee van het docent zijn. Hoe dat vorm krijgt, is een vraag die docententeams moeten beantwoorden. Dat kan bijvoorbeeld door bestaande modules te verrijken met onderzoeksvragen of een afzonderlijke leerlijn uit te bouwen. Ik ben er voor om voor het stimuleren van deze ontwikkeling een specifiek lectoraat Methodologie van praktijkgericht onderzoek in het leven te roepen. Dit lectoraat kan als klankbord voor de docententeams optreden.

Opname van onderzoek vraagt een actieve betrokkenheid van onze docenten bij de uitvoering van de onderzoeksprogramma's van de Kenniscentra. Onze docenten moeten daarvoor de ruimte en tijd krijgen. Hier hapert ons veranderingsprogramma. Ons streven naar 'meer handen voor het bord' (een groter deel van onze middelen naar de kerntaken) moet die ruimte en tijd verschaffen. Het is moeilijk verteerbaar dat de relatieve groei die nu al is gerealiseerd door de docenten vrijwel niet als zodanig is ervaren.

Onderzoek is net als onderwijs een door spelregels geleid vak. Voor dat vak is scholing nodig. Wij zijn op weg naar 100% docenten met een masteropleiding en 20% gepromoveerden in 2017. Met enige krachtsinspanning gaan we die doelen realiseren door te investeren in mensen. Het is van het grootste belang dat de instelling laat zien respect te hebben voor deze inspanning die ons personeel zich getroost door duidelijk te maken welke loopbaanmogelijkheden de hogere opleiding je biedt. Met je master of doctoraal moet je je bij ons thuis voelen, perspectief hebben.

Opdracht
Ik ben trots op wat we hebben bereikt, maar ongeduldig als het gaat om de doorwerking in het onderwijs. Kern van de opdracht die we als instelling hebben, is het versterken van onderzoek in het onderwijs. Om zo de doorwerking van onderzoeksresultaten te vereenvoudigen. Daarmee wordt 'state of the art' praktijkgericht onderzoek tevens een belangrijke bron voor het bepalen van wat wij - als opleiders - als het gerealiseerde eindniveau van onze studies beschouwen. Dat beeld krijgen we door onderzoek te doen en over dat onderzoek met anderen in binnen- en buitenland te discussiëren.

Huib de Jong, september '12

Deze website maakt gebruik van cookies. Klik hier voor meer informatie.

Sluiten