Robots die praten met producten: anno 2017 geen science fiction

08-03-2017

Robots die praten met producten: anno 2017 is dat realiseerbaar. Dat stelt Daniël Telgen, opleidingsmanager HBO-ICT van Hogeschool Utrecht, in zijn promotieonderzoek.

Daniel TelgenTelgen ontwikkelde tijdens zijn vierjarig promotieonderzoek flexibele technieken om geautomatiseerde productie te verbeteren in de industrie. Volgens hem gaat het erom dat een flexibele robot en het product dat de robot maakt, een virtueel zelfbeeld hebben. Telgen: “We hebben dus een product dat zichzelf kan zien in een model en bovendien in staat is om – autonoom – te overleggen met de machines. Dit bouwt voort op het onderzoek van Leo van Moergestel, die ook vanuit de HU gepromoveerd is. Hij heeft bedacht dat producten een soort zelfbewustzijn hebben, zodat ze weten welke acties ze kunnen uitvoeren.”

Product praat met machine

Telgen heeft aan de machinekant het zelfbewustzijn toegevoegd. “Het idee is dat de machine bepaalde standaard diensten aanbiedt. De ene machine kan verven, de tweede kan boutjes plaatsen en de derde kan snijden. Het product gaat dan praten met een machine. Op die manier creëren de machines hun eigen proces om iets te bouwen, wat kan leiden tot unieke producten.”

Een van de belangrijkste technieken die Telgen ontwikkelde, is een taal die stap voor stap - aan de hand van de hardware in de machine - specifieke instructies geeft over hoe die machine moet bewegen naar bepaalde posities. Telgen: “We hebben ons het meest gericht op microsystemen, de productie van kleine sensoren, die bijvoorbeeld heel belangrijk zijn voor medische toepassingen. Zo zijn er nu sensoren in de zorg die in de gaten houden of oudere mensen vallen.”

Veel grotere flexibiliteit

Door de automatisering is in korte tijd een veel grotere flexibiliteit mogelijk bij de productie. Telgen geeft een voorbeeld: “Je kan iemand thuis een tekening laten maken van een bril, en dan automatisch door de computer laten uitrekenen hoe de glazen gemaakt moeten worden. Vervolgens druk je op een knop, zodat de fabriek de brillen geautomatiseerd kan maken. Dat is een totaal nieuwe ontwikkeling. Daar heb je flexibele robots voor nodig. Door mijn onderzoek ervaarde ik hoe snel de ontwikkelingen gaan in de smart industry, wat ze in Duitsland de vierde industriële revolutie noemen.”

Hoe gaan zijn flexibele technieken geïmplementeerd worden in de praktijk? Volgens Telgen zijn de technieken nog net niet volwassen genoeg om ze allen uit te rollen in het bedrijfsleven. “Maar enkele onderdelen die zijn uitgewerkt, zouden wel op korte termijn uitgerold kunnen worden.”.

Aanbevelingen

Telgen doet meerdere aanbevelingen. Zijn aanbeveling voor de wetenschap: “stop nu eens met het maken van al die papers. Kijk wat het ontwikkelde product gaat doen en welke impact het zal hebben. En publiceer pas bij een voltooid eindresultaat; verkies kwaliteit boven kwantiteit! Zorg dat het echt werkt en dat je er wat mee kan. Tijdens mijn promotieonderzoek hebben we dit voor elkaar gekregen.”

En hij doet de oproep om volop studenten te betrekken bij het onderzoek. Telgen betrok meer dan honderd studenten bij zijn promotieonderzoek. “Hun deelname was voor mij essentieel. Zonder hen had ik deze promotie niet kunnen afronden. Waar ik veelal de architectuur ontwierp en papers schreef voor het onderzoek, hebben de studenten het maakwerk gedaan. Op deze manier wist ik onderzoek te verbinden met het onderwijs. Deze verbinding met de studenten was de grote kracht van mijn promotie.”